columns
hoezo metta?
14 februari 2022

Op deze 14e van februari, de dag met het hart als universeel symbool, wil ik met je delen hoe mijn connectie met metta is ontstaan. 

 

In 2009 woonde ik in een flatje in de Amsterdamse Jordaan, mijn relatie was kort daarvoor uit elkaar geknald. Ik lijmde de scherven van mijn hart aan elkaar en ging weer verder als solist. Het werd winter en ik besloot mijn interesse in het boeddhisme weer op te pakken en er actief invulling aan te geven. Een paar straten verderop zat een boeddhistisch centrum en ik sloot me aan voor een meditatiecursus. Eén van de twee meditaties die centraal stond was de metta meditatie. Ik vond het allemaal wel best en ging er blanco in, niet wetend welke bewustwording op mij lag te wachten.
 

In de metta meditatie word je door 5 verschillende fases geleid met het ontwikkelen van metta als intentie. Metta wordt meestal kort vertaald als liefdevolle vriendelijkheid, maar in haar volheid betekent het meer: de onvoorwaardelijke wens voor het welzijn van jezelf en anderen. Je kunt het ook omschrijven als een hartstochtelijk verlangen dat het met anderen goed gaat. Eén van de fases is het cultiveren van metta voor jezelf. In deze fase voelde ik me alsof ik aan het watertrappelen was met niets in de buurt om me aan vast te houden. Waar ik in andere fases, bijvoorbeeld metta voor een goede vriend of vriendin, heel duidelijk de intentie en emotie van metta voelde, kon ik deze verbinding voor mezelf niet maken. Ik werd vooral afgeleid door kritische gedachten, verwijten en gevoelens over hoe 'lovable' ik wel/niet was. In plaats van metta voor mezelf voelde ik met name pijn. Ik weet niet hoe het bij jou zit, maar bij emoties zoals pijn of verdriet duik ik het liefst weg. LaLaLaLaLa. Ik hoor je niet, ik zie je niet. I'm outta here! Deze fase van de meditatie vulde ik de daaropvolgende weken in met to do- en boodschappenlijstjes maken. Totdat ik op een gegeven moment de moed had verzameld om toch maar naar die pijn toe te gaan, er verbinding mee te maken en het met zelfcompassie te voelen. Courage, connection, compassion. Aha. Een deur ging open en daarachter was een trap omhoog.


Door hier verder mee te oefenen werkt metta nu als een opblaasbaar reddingsvest dat ik altijd aan heb. Een dagelijkse intentie voor hoe ik situaties en anderen wil benaderen.
What's the Metta komt hieruit voort.

het krantenwijk incident
23 december 2021

Toen ik tien jaar oud was dacht ik dat ik doodging. Specifieker: ik dacht dat ik doodging aan een hartaanval.

 

Het was hartje winter en zoals iedere ochtend liep ik mijn krantenwijk. Ik woonde in een buitenwijk van Chicago en mijn wijk bestond uit welgeteld één straat: Humphrey Street. De straat waar ik sinds mijn geboorte woonde, in een wit met groen huis, samen met mijn vader en drie oudere broers. De Humphrey Street krantenwijk was van Adriani broer op broer op broer op zus doorgegeven en nu was de wijk van mij en verspreidde ik de dagelijkse ochtendkrant aan haar abonnees.

 

De winters waren soms extreem. Sneeuwstormen met nog geen meter zicht, een snijdende wind, temperaturen van min 10-20 graden met een nog lagere gevoelstemperatuur, waren geen uitzondering. Nu sneeuwde het die bewuste ochtend niet, maar bomen, tuinen en auto’s waren nog verstopt onder een dikke laag sneeuw en een ijzige nachtvorst hing nog vers in de lucht. Van top tot teen warm ingepakt, duwde ik het volgeladen krantenkarretje stap voor stap vooruit door de sneeuw. Door het ingesleten spoor op de weg was de inspanning iets lichter. Ik was nog niet zo lang onderweg toen ik plotseling overvallen werd door een messcherpe pijn in mijn hartstreek. De pijn was zo hevig dat ik me vasthield aan de stang van het karretje en naar adem hapte. Weer die stekende pijn! Gedachten raceten door mijn hoofd: Wat gebeurt er met me? Is dit een hartaanval? Ga ik dood? Wat moet ik doen? Ik was radeloos en keek wanhopig van links naar rechts. Nee, niemand om om hulp te vragen. De pijn kwam telkens terug. Ik wil dat het stopt!  dacht ik. Mijn lichaam verkrampte, mijn adem stokte en toen begon ik te huilen. Vanuit de angst en het niet weten wat ik moest doen, kwam daarna uit het niets een gevoel van overgave op. Ik stopte met me te verzetten en accepteerde wat zou volgen.

Wat volgde was een iets rustiger ademhaling en langzaam maar zeker ebde de pijn iets weg. De angst nog niet. Ik besloot rechtsomkeert te maken en met onzekere stappen (een tweede aanval kon immers op de loer liggen) duwde ik het karretje met de onbezorgde kranten voor me uit richting huis. Ja, ja, een groot verantwoordelijkheidsgevoel zat er al jong in bij mij. Thuisgekomen trof ik mijn vader en in de warmte van ons huis en de veiligheid van zijn armen vloeiden de tranen. Ik vertelde over de vreselijke pijn die ik had gehad en mijn angst, “Was dat een hartaanval Daddy? Ga ik dood?”. Hij veegde mijn haar uit mijn gezicht en zei: “Nee”.
 

Nou ja, ooit wel natuurlijk, maar die dag niet. Ook kreeg ik te horen dat kinderen die hartaanvallen uit het niets krijgen heel uitzonderlijk zijn. Mijn hartaanval was volgens hem een ‘longaanval’. Want wat blijkt, het diep inademen van ijskoude en droge ochtendlucht in combinatie met de warme uitadem had de onbekende pijn veroorzaakt in mijn longen. Dat ik door de pijn, schrik en nare gedachten die ik erbij haalde, via mijn mond naar adem bleef happen, had uiteraard niet geholpen. “Als je zo bang bent of pijn hebt, probeer een volgende keer een beetje kalm te blijven. Als je je focust op je ademhaling en rustig via je neus in- en uitademt, zal het gelijk ietsje beter met je gaan.”

 

Dit simpele advies is een leven lang meegegaan. Mijn adem als anker. Natuurlijk realiseerde ik me op die leeftijd niet de diepere les van het krantenwijk incident. Dat kwartje is pas veel later gevallen. In mijn leven ben ik nog vaak door fysieke en emotionele pijn meegesleurd, gevoed door negatieve gedachten of patronen. Maar, terugkijkend op dit voorval, zie ik nu ook in dat mijn onderbewustzijn van nature wist wat zou helpen: Stoppen. Acceptatie. Ademhalen. En, in het geval van ijskoude buitenlucht, trek een sjaal over je mond en neus, dat helpt ook.

berm mo(nu)ment
25 november 2021, E-magazine Mindvolleven

Onderweg kom je het weleens tegen. Een boeketje, plastic bloemen, een teddybeertje of ander aandenken, bevestigd aan een hek of paal of als altaartje opgesteld. Het kan overal opduiken, op een druk kruispunt in de stad, of aan de zijkant van een rustig landweggetje. Een monumentje, geplaatst om een gebeurtenis in iemands leven te herdenken. Ik weet niet welk effect dit heeft op jou, maar als ik dit al lopend, fietsend of vanuit de auto opmerk, dan komt het binnen. Mijn eigen gedachten of gevoelens, als die er zijn, worden tot een halt geroepen en ik sta mentaal en emotioneel even stil: hier is iets gebeurd. 

 

Elk jaar komen in Nederland medemensen om tijdens het deelnemen aan het verkeer. In 2020 waren dat volgens CBS-cijfers 610 personen. Minder mensen dan in 2019 en de jaren ervoor. De meeste verkeersslachtoffers vielen onder fietsers, 229 mannen, vrouwen, meisjes en jongens in totaal. Een stijging ten opzichte van het jaar ervoor en het hoogste aantal in 25 jaar. 

 

Het was geloof ik 2010 toen ik aan de 8-weekse mindfulness training deelnam. Een van de eerste oefeningen is een routinehandeling kiezen en die gedurende de week telkens met meer aandacht doen. Ik koos voor autorijden. Autorijden is voor mij echt een ding, het geeft me een gevoel van onafhankelijkheid, avonturen en mogelijkheden. Op 22-jarige leeftijd woonde ik als pas afgestudeerde in California en kreeg een baan in de Silicon Valley. Via openbaar vervoer reizen was geen optie. Carpoolen wel, maar daar kon ik niet echt op rekenen. Nog nooit had ik zoveel zenuwen als bij het afrijden, vandaar dat ik het een tweede keer mocht doen. Met mijn rijbewijs en tweedehands Honda Civic ging vervolgens een nieuwe wereld voor mij open. Niet langer afhankelijk van familie, collega’s, huisgenoten of vrienden; eindelijk kon ik gaan en staan waar ik wilde. Naar de supermarkt om tien uur ’s avonds? Hupsakee, gewoon doen. In het weekend een roadtrip naar de kust? Ja, natuurlijk. Radio of cassettebandje (jawel!) met veel bas op de speakers en gaan. 
 

Miles en miles, kilometer na kilometer en vele jaren later was een patroon ontstaan met autorijden. Muziek? Check. Volume? Hard. Gasgeven? Jazeker. Lekker op de muziek door alles heen bewegen. Ander liedje? Volume bijstellen. Meezingen. En zo voort! Een gezellige gewoonte waar ik niemand kwaad mee deed, toch? Of wel? Werd mijn rijstijl misschien toch ongemerkt beïnvloedt door de ‘wall of sound’ die ik in mijn auto-cocon creëerde? Gaf ik wat meer gas bij dat uptempo nummer? Haalde ik iets agressiever in bij een steviger liedje? Dat het wel degelijk invloed had, merkte ik tijdens het oefenen met mindful autorijden in de 8-weekse training. De muziek ging uit en wat bleek? De volumeknop van mijn eigen gedachten en gevoelens ging direct aan. Wat een herrie. Was ik dát al die jaren aan het overstemmen met mijn muziekjes en mix tapes? Confronterend, maar om me daarin te laten meeslepen was in het verkeer niet de time or place.  Aan oefenmateriaal geen gebrek. En oefenen, dat blijft het, al heb ik een nieuw aandachtiger patroon ontwikkeld in het verkeer, de smartphone geeft weer nieuwe uitdagingen. Dat mobieltjes tegenwoordig in alles wat wij doen kunnen afleiden is natuurlijk glashelder. 

 

Ongelukken gebeuren en soms is daar helemaal niets aan te doen, bijvoorbeeld door onvoorziene situaties. Maar vaker wel dan niet is het een gevolg van (een moment) onachtzaamheid. Muziek, appjes, met te veel alcohol op achter het stuur. Je kunt het zelf ook bedenken: alles waardoor je er niet helemaal bij bent, kan in het verkeer grote consequenties hebben. Dit is niet als een vingerwijzing bedoeld, want laten we eerlijk zijn, het is rete moeilijk om in onze wereld je aandacht ergens volledig op te richten. Maar waar ik ook zeker van ben: een meer mindful levensstijl resulteert in minder ongelukken. Kleinere maar ook grotere. Zou het een idee zijn om een module ‘Mindfulness in het verkeer’ op te nemen in examens zoals het Fiets- en Rijexamen? Volgens een goed Nederlands spreekwoord heet dat: jong geleerd is oud gedaan.

vallende bladeren 
12 oktober 2021, E-magazine Mindvolleven en Stresswise.nl

 De herfst is er. In al haar pracht en kracht heeft ze zich gemeld. Bomen krijgen een rood, oranje of gele gloed, paddenstoelen schieten omhoog, een frisse en stevige wind waait door mijn haren en een stroom van regendruppels spoelt straten schoon en doordrenkt de aarde. 

 

In Amsterdam kijk ik naar de iepen langs de grachten en ik vraag me af: hoe zal het dit jaar verlopen? Welke kleuren krijgen we te zien, voordat de bladeren zich losmaken en vallen? Of vallen ze misschien ineens, door omstandigheden die dit proces versnellen?
 

Als kind was de herfst mijn favoriete seizoen. Het stadje waar ik woonde heet Oak Park en met haar vele eikenbomen bewoog ik mij dagelijks door een prachtige kleurenspektakel. Nu weet ik niet of het transformerende aspect van de herfst het was, wat mij het meest boeide. Mijn verjaardag valt in oktober, Halloween ook, toch wel twee hoogtepunten in het jaar voor een kind. Daarnaast kan ik mij echter ook een dromerig, wat meer naar binnen gericht, gevoel herinneren dat ik in deze periode van het jaar nog steeds bij mezelf herken.

 

Het proces van verkleurende en vallende bladeren doet me onwillekeurig denken of er iets is wat ik wil, wat ik mag, wat ik kan, loslaten? Aandacht voor wat er is, betekent ook aandacht voor zaken die ons niet meer dienen. Het loslaten van zorgen, twijfels en negativiteit, ongeacht of dit door situaties, herinneringen, personen of gewoontes komt, is een proces, net als bij de bladeren. Dit proces kan bij ons geleidelijk gaan, datgene wat je los wilt laten verandert als het ware eerst van kleur, voordat je ervan loskomt. Een iets langer proces waarbij je inzichten krijgt in wat jou zo verbindt met datgene waar je afscheid van neemt. 

 

In één keer loslaten kan bij ons ook, net als bij bomen die door (weers)omstandigheden versneld hun blad loslaten, kunnen we plotseling een inzicht hebben waardoor afscheid mogelijk is. Een voorbeeld is radical acceptance: je vermogen om situaties die buiten je controle liggen, zonder oordeel, te accepteren. Je accepteert de werkelijkheid voor wat het is, niet meer of minder. Je hoeft het niet leuk te vinden en er zijn vast emoties bij, maar het gevoel van strijden en/of lijden vermindert meteen omdat je de realiteit accepteert. 
 

Hmm. Als ik dit zo beschrijf zie ik in hoe makkelijk de bomen het eigenlijk hebben! Verkleurd of ineens, bladeren die ze niet nodig hebben, laten ze gewoon los en daarmee wordt meer van de boom zichtbaar, stralend en sterk. Mijn voornemen dit najaar: Be like a tree.